Wat is de oudste stad van Nederland? Vraag het in Gelderland en je krijgt een ander antwoord dan in Limburg. De discussie draait om definities: tel je vanaf de eerste bewoning, de Romeinse tijd of het moment waarop middeleeuwse stadsrechten werden verleend? Hier zijn de tien Nederlandse steden met de diepste historische wortels.
1. Nijmegen

Nijmegen claimt met trots de titel ‘oudste stad van Nederland‘ en heeft daar sterke argumenten voor. De Romeinen vestigden hier rond 19 voor Christus een legerkamp op de Hunnerberg. De stad groeide uit tot Ulpia Noviomagus Batavorum, een nederzetting van duizenden inwoners met een amfitheater, badhuizen en stenen gebouwen.
In 1980 groef een graafmachine op het Kelfkensbos een Romeinse overwinningszuil op die dateert uit 17 na Christus. De zogenaamde Tiberius-zuil bewijst dat Nijmegen al in die tijd een belangrijke plek was. Rond het jaar 98 verleende keizer Trajanus de stad marktrechten en de status van municipium. De middeleeuwse stadsrechten volgden pas in 1230, maar dat doet niets af aan de Romeinse oorsprong. In 2005 vierde Nijmegen haar tweeduizendste verjaardag.
2. Maastricht

Maastricht is Nijmegens grote rivaal in de strijd om de titel oudste stad van Nederland. De naam komt van het Latijnse Mosae Trajectum, ‘oversteekplaats over de Maas’. Bij de brug over de Maas lag al in de Romeinse tijd een nederzetting. Waar Nijmegen na de Romeinse tijd tijdelijk transformeerde in lossere agrarische nederzettingen, behield Maastricht haar religieuze en bestuurlijke dynamiek.
De stad kan bogen op twintig eeuwen ononderbroken bewoning met behoud van stedelijke functies. Archeologen hebben in Maastricht sporen gevonden van Keltische bewoning uit 500 voor Christus. De komst van Sint Servaas in de vierde eeuw maakte de stad tot een belangrijk religieus centrum. Maastricht was zelfs de Nederlandse vertegenwoordiger in het Most Ancient European Towns Network, een werkgroep van Europa’s oudste steden. Officiële middeleeuwse stadsrechten kreeg de stad pas in 1229.
3. Heerlen
Heerlen, of Coriovallum zoals de Romeinen het noemden, was een bruisend knooppunt waar twee belangrijke heerbanen (romeinse wegen) elkaar kruisten. De Via Belgica liep hier dwars doorheen. Het Romeinse badhuis van Heerlen is het grootste en best bewaarde van Nederland, og recent onderzoek toonde aan dat het dateert uit de periode 65-73 na Christus, ouder dan eerder gedacht.
De bebouwde oppervlakte van Romeins Heerlen was ongeveer twee keer zo groot als die van Romeins Maastricht. Toch heeft Heerlen voor zover bekend nooit Romeinse stadsrechten gekregen. Na de Romeinse tijd lijkt de stad een tijdlang verlaten te zijn geweest. De oudste schriftelijke vermelding van ‘Herle’ dateert pas uit 1065.
4. Voorburg
Forum Hadriani, het huidige Voorburg, kreeg in 121 na Christus marktrechten en de municipium-status van keizer Hadrianus. Daarmee behoort het samen met Nijmegen tot de weinige plaatsen in het huidige Nederland met officiële Romeinse stadsrechten. De nederzetting bestond al rond 50 voor Christus, toen Germaanse stammen er een dorp vestigden.
Toch maakt Voorburg weinig kans op de titel oudste stad. Na de Romeinse tijd raakte de plaats in verval en werd ze niet continu bewoond. In de middeleeuwen vervulde Voorburg geen belangrijke functie meer en kreeg het geen middeleeuwse stadsrechten. De historische waarde ligt vooral in de Romeinse oorsprong.
5. Utrecht

Op de plek waar nu het Domplein ligt, bouwden de Romeinen rond 47 na Christus een castellum: een versterkt legerkamp. Utrecht maakte deel uit van de Limes, de verdedigingslinie langs de noordgrens van het Romeinse Rijk.
Na het vertrek van de Romeinen bleef Utrecht bewoond. Franken en Friezen vochten om de macht, en de stad ontwikkelde zich tot een belangrijk kerkelijk centrum. Utrecht kreeg in 1122 als een van de eerste Nederlandse plaatsen middeleeuwse stadsrechten.
6. Stavoren
Stavoren ontstond rond 300 voor Christus langs een waterloop en is daarmee een van de oudste nog bestaande nederzettingen van Nederland. De stad kreeg tussen 1058 en 1068 stadsrechten van graaf Egbert de Eerste, ruim een halve eeuw eerder dan Utrecht en Deventer. Daarmee heeft Stavoren de oudste middeleeuwse stadsrechten van Nederland.
In de middeleeuwen was Stavoren een machtige Hanzestad met handelsrelaties tot in het Balticum. Schippers uit Stavoren genoten voorrang bij de Sonttol. Stormvloeden en verzanding van de haven luidden het verval in. De sage van het Vrouwtje van Stavoren herinnert aan die verloren rijkdom.
7. Deventer

De Angelsaksische missionaris Lebuïnus stak in 768 de IJssel over en bouwde een houten kerkje op de plek waar nu de Grote of Lebuïnuskerk staat. Deventer wordt al in negende-eeuwse bronnen van het bisdom Utrecht genoemd. In 952 noemt een oorkonde van koning Otto I de plaats als ‘stad’.
In 1123 kreeg Deventer officieel stadsrechten van keizer Hendrik V. De stad heeft het oudste stenen huis van Nederland, het oudste wandelpark en met de Athenaeum-bibliotheek ook de oudste wetenschappelijke bibliotheek. Als lid van het Hanzeverbond was Deventer een belangrijke handelsplaats aan de IJssel.
8. Zutphen

De geschiedenis van Zutphen gaat meer dan 1700 jaar terug. De stad begon als Germaanse nederzetting en groeide in de Frankische tijd rond 800 uit tot een grafelijk bestuurscentrum. Laat in de negende eeuw werd Zutphen door Vikingen geplunderd. Als reactie legden de bewoners een ringburgwal aan, omringd door drie grachten.
Archeologisch onderzoek bevestigt dat Zutphen in de tiende en elfde eeuw een handelsnederzetting van internationale betekenis was, met nauwe banden met het rijke Keulen. De stad kreeg aan het eind van de twaalfde eeuw stadsrechten en sloot zich aan bij de Hanze.
9. Aardenburg

De oudste stad van Zeeland was al bewoond in de steentijd. In 174 na Christus bouwden de Romeinen er een castellum ter bescherming van de kust tegen piraten. Het fort werd enkele keren verlaten en weer in gebruik genomen, en na de Romeinse tijd volgde een periode met weinig bewoning.
In de achtste eeuw had Aardenburg zwaar te lijden onder Vikingaanvallen. Ter bescherming werd een aarden ringwal aangelegd, vandaar de naam. In 1127 kreeg de stad stadsrechten en floreerde ze als een van de zeventien Vlaamse Hanzesteden. Tegenwoordig is Aardenburg een klein stadje, maar de oude wallen en de grote kerk verraden het roemrijke verleden.
10. Tiel

Toen de Noormannen de handelsstad Dorestad bij het huidige Wijk bij Duurstede platbrandden, vluchtten de kooplieden naar Tiel. In de tiende eeuw nam Tiel de rol over als handelscentrum van de regio. Historische bronnen vermelden dat Tiel al tol hief en handel dreef met Engeland lang voordat veel andere steden überhaupt bestonden.
De stad onderhield nauwe banden met Keulen en was in de tiende en elfde eeuw een nederzetting van internationale betekenis. Wanneer Tiel precies stadsrechten kreeg is niet helemaal duidelijk, maar de stad heeft onmiskenbaar diepe middeleeuwse wortels.
De definitiekwestie
Wat maakt een nederzetting tot stad? In de Romeinse tijd gold een andere maatstaf dan in de middeleeuwen. De Romeinen kenden marktrechten en municipium status. In de middeleeuwen verleenden graven, hertogen en bisschoppen stadsrechten die het recht gaven op zelfbestuur, eigen rechtspraak en het houden van markten.
Als je kijkt naar middeleeuwse stadsrechten, is Stavoren met stadsrechten uit de periode 1058-1068 de oudste. Als je kijkt naar Romeinse oorsprong en continue bewoning, maakt Maastricht de sterkste claim. Als je kijkt naar archeologisch bewijs van vroege stedelijke functies, wint Nijmegen. Het antwoord hangt af van de vraag die je stelt, og dat maakt de discussie zo levendig.