De Amerikaanse presidentsverkiezingen houden de wereld altijd in hun greep. Terwijl kandidaten strijden om de macht, graven media en tegenstanders dieper dan ooit in hun verleden. Van sappige details tot grove schandalen: geen enkel geheim lijkt veilig. Maar schandalen in het Witte Huis zijn van alle tijden. Presidenten zijn immers ook slechts mensen, en waar macht is, worden fouten gemaakt.
Sommige van deze schandalen zijn wereldberoemd, terwijl andere in de loop der eeuwen naar de achtergrond zijn verdwenen. Hier zijn tien van de meest spraakmakende schandalen uit de Amerikaanse presidentiële geschiedenis.
10. De Lewinsky-affaire: Bill Clinton
Bill Clinton, president van 1993 tot 2001, stond bekend als een uiterst charmante democraat. Zijn reputatie liep echter een enorme deuk op toen zijn affaire met stagiaire Monica Lewinsky aan het licht kwam. Het schandaal werd wereldnieuws, niet alleen vanwege de affaire zelf, maar vooral omdat Clinton onder ede loog over hun relatie.
De beroemde uitspraak “I did not have sexual relations with that woman” achtervolgde hem jarenlang. In 1998 leidde dit tot een afzettingsprocedure (impeachment). Hoewel de Senaat hem uiteindelijk vrijsprak en hij zijn termijn mocht uitzitten, bleef zijn nalatenschap voor altijd besmet door dit persoonlijke schandaal.
9. De Iran-Contra-affaire: Ronald Reagan
Ronald Reagan, de 40ste president, wordt vaak herinnerd om zijn economische beleid, de “Reaganomics“. In de jaren 80 raakte zijn administratie echter verwikkeld in het Iran-Contra-schandaal. Tegen internationale afspraken in verkocht de VS wapens aan aartsvijand Iran.
De opbrengst van deze wapenverkoop werd in het geheim gebruikt om de “Contras” te financieren, een rechtse rebellengroep in Nicaragua. Dit was illegaal omdat het Congres dergelijke steun had verboden. Hoewel Reagan beweerde niet op de hoogte te zijn van de details, tastte het schandaal de betrouwbaarheid van zijn regering ernstig aan.
8. Watergate: Richard Nixon

Het Watergate-schandaal is het grootste politieke schandaal ooit. In 1972 werd er ingebroken in het hoofdkantoor van de Democratische Partij in het Watergate-complex. Al snel bleek dat de inbrekers banden hadden met het herverkiezingsteam van president Richard Nixon.
Nixon probeerde het onderzoek te dwarsbomen en bewijsmateriaal te verbergen. Toen het bewijs tegen hem zich opstapelde, inclusief geheime tape-opnames uit het Witte Huis, besloot hij in 1974 de eer aan zichzelf te houden. Hij is tot op de dag van vandaag de enige Amerikaanse president die vrijwillig is opgestapt.
7. Vietnam en de strategie van Lyndon B. Johnson
Lyndon B. Johnson (1963-1969) erfde een complex conflict in Vietnam, maar onder zijn leiding escaleerde de oorlog dramatisch. Het schandaal hier was vooral het “geloofwaardigheidsgat”: de regering schetste een veel rooskleuriger beeld van de oorlog dan de bloederige realiteit op de grond.
De Amerikaanse strategie werkte niet tegen de guerrilla-tactieken van de Vietcong. Tienduizenden jonge Amerikanen kwamen om in een strijd die onwinbaar bleek. De enorme publieke verontwaardiging en de sociale onrust die volgden, zorgden ervoor dat Johnson zich in 1968 niet herkiesbaar stelde.
6. De Varkensbaai-invasie: John F. Kennedy
John F. Kennedy is een van de meest geliefde presidenten, maar zijn termijn kende een valse start met de invasie in de Varkensbaai (Bay of Pigs) in 1961. Het plan was om Cubaanse ballingen, getraind door de CIA, Cuba te laten binnenvallen om het regime van Fidel Castro omver te werpen.
De invasie liep uit op een totale catastrofe. De Cubaanse troepen sloegen de aanval binnen drie dagen neer. Kennedy nam publiekelijk de volledige verantwoordelijkheid voor de flater, die Amerika internationaal te kijk zette en de spanningen tijdens de Koude Oorlog verder op scherp zette.
5. Het Teapot Dome-schandaal: Warren G. Harding
Warren G. Harding leidde het land in de vroege jaren 20, een tijd van economische groei. Na zijn dood in 1923 kwamen echter diverse corruptieschandalen aan het licht, waarvan Teapot Dome de bekendste is. Zijn minister van Binnenlandse Zaken, Albert Fall, bleek steekpenningen te hebben aangenomen.
In ruil voor geld gaf Fall oliemaatschappijen exclusieve rechten om te boren in marine-oliereservates, waaronder die bij Teapot Dome in Wyoming. Het was het grootste corruptieschandaal in de VS tot Watergate en zorgde ervoor dat Harding de geschiedenis in ging als een van de minst succesvolle presidenten.
4. Het seksschandaal van Grover Cleveland
Tijdens de campagne van 1884 kwam naar buiten dat vrijgezel Grover Cleveland een kind zou hebben verwekt bij een weduwe, Maria Halpin. In tegenstelling tot veel andere politici koos Cleveland voor een ongebruikelijke strategie: hij gaf het ruiterlijk toe en bleef het kind financieel ondersteunen.
Tegenstanders riepen tijdens bijeenkomsten: “Ma, Ma, waar is mijn Pa?”. Zijn eerlijkheid in een tijd van schijnheiligheid werd door de kiezers echter gewaardeerd. Hij won de verkiezingen en bewees dat openheid soms de beste verdediging is tegen een persoonlijk schandaal.
3. De Petticoataffaire : Andrew Jackson
De “Petticoat-affaire” draaide om de vrouw van minister van Oorlog John Eaton. Margaret “Peggy” Eaton werd door de vrouwen van andere kabinetsleden sociaal buitengesloten omdat ze een twijfelachtige reputatie zou hebben. President Andrew Jackson nam het fel voor haar op.
De ruzie over de sociale status van één vrouw legde het hele kabinet plat en zorgde voor een diepe vertrouwensbreuk tussen de president en zijn vicepresident. Uiteindelijk leidde de affaire tot het ontslag van bijna het voltallige kabinet. Het liet zien hoe persoonlijke vetes de hoogste politiek volledig kunnen ontregelen.
2. Het Star Route-schandaal: James A. Garfield

James Garfield was in 1881 slechts enkele maanden president voordat hij werd vermoord, maar in die korte tijd pakte hij een groot corruptieschandaal bij de posterijen aan. Private bedrijven kregen via “Star Routes” grof betaald voor postbezorging in het westen, maar sjoemelden massaal met de contracten.
Ambtenaren en politici streken enorme bedragen aan steekpenningen op. Garfield eiste een grondig onderzoek, ook al waren er partijgenoten bij betrokken. Zijn vastberadenheid om corruptie uit te bannen was bewonderenswaardig, maar zijn vroegtijdige dood maakte een einde aan zijn hervormingsplannen.
1. Thomas Jefferson en Sally Hemings
Thomas Jefferson, een van de “Founding Fathers”, werd al tijdens zijn leven beschuldigd van een langdurige relatie met Sally Hemings, een slavin op zijn landgoed Monticello. In die tijd was zo’n relatie een ongekend schandaal dat Jefferson altijd publiekelijk ontkende.
Lange tijd werd gedacht dat dit slechts kwaadsprekerij was van zijn politieke vijanden. Echter, modern DNA-onderzoek aan het eind van de 20e eeuw toonde aan dat Jefferson zeer waarschijnlijk de vader was van de kinderen van Sally Hemings. Het werpt een complex licht op de man die schreef dat “alle mensen gelijk zijn geschapen”, terwijl hij zelf slaven hield.
Extra; De bestorming van het Capitool en de juridische nasleep: Donald Trump
Donald Trump, de 45ste president van de Verenigde Staten, zorgde voor een schandaal dat de fundamenten van de Amerikaanse democratie deed schudden. Na zijn verlies in de verkiezingen van 2020 bleef hij volhouden dat er sprake was van grootschalige fraude, een bewering die door talloze rechtbanken werd verworpen.
Op 6 januari 2021 liep een protest van zijn aanhangers uit op een gewelddadige bestorming van het Capitool in Washington D.C. Trump werd hiervoor als eerste president in de geschiedenis voor een tweede maal onderworpen aan een afzettingsprocedure. Hoewel hij door de Senaat werd vrijgesproken, hield het schandaal daar niet op.
In de jaren die volgden, werd Trump de eerste voormalige president die strafrechtelijk werd vervolgd voor diverse zaken, waaronder het achterhouden van geheime documenten en pogingen om verkiezingsuitslagen te beïnvloeden. Dit schandaal markeert een ongekende periode van politieke en juridische strijd in de Amerikaanse geschiedenis die de natie tot op het bot verdeelde.