Sir Alex Ferguson hanteerde ooit een ijzeren principe bij Manchester United. Geen enkele speler mocht meer verdienen dan de manager, omdat zijn autoriteit anders zou verwateren. In het topvoetbal van 2026 is die regel volledig onhoudbaar geworden.
De commerciële waarde van de grootste sterren is zo hard geëxplodeerd dat hun salarissen onbereikbaar zijn voor welke bondscoach dan ook. Maar dat betekent niet de bondscoaches mogen klagen, ook hun salarissen zijn jaloersmakend.
1. Carlo Ancelotti (Brazilië), €10 miljoen per jaar

Ancelotti is de best betaalde bondscoach in de geschiedenis van het voetbal. De Italiaan verliet Real Madrid in 2025 om de “Seleção” te leiden. De Braziliaanse bond betaalt hem 10 miljoen euro per jaar, exclusief een prestatiebonus van 5 miljoen euro bij een wereldtitel.
Hij beschikt over een privéjet voor familiebezoek en een luxe villa in Rio de Janeiro. Met vijf Champions League-titels op zijn naam jaagt hij nu op de enige prijs die nog ontbreekt. Brazilië hoopt met hem eindelijk de zesde ster op het shirt te kunnen borduren.
2. Julian Nagelsmann (Duitsland), €7 miljoen per jaar
De Duitse bond heeft Nagelsmann vastgelegd om de nationale trots te herstellen. Zijn salaris van 7 miljoen euro weerspiegelt de enorme druk die op zijn schouders rust. Duitsland moet na de eerdere vroege uitschakelingen weer een rol van betekenis gaan spelen.
3. Mauricio Pochettino (Verenigde Staten), €6 miljoen per jaar

Het was de taak van Pochettino om de VS transformeren tot een serieuze titelkandidaat op eigen bodem. Zijn contract wordt deels gefinancierd door private partners en commerciële sponsoren. Met een selectie die bijna volledig in Europa speelt, zijn de verwachtingen in eigen land torenhoog.
4. Thomas Tuchel (Engeland), €5,8 miljoen per jaar

De Duitser nam in 2024 het roer over bij de “Three Lions” met een duidelijk doel. Hij moet de eerste grote prijs sinds 1966 naar Engeland brengen. Tuchel kan rekenen op een van de meest getalenteerde selecties uit de Engelse historie met mannen als Bellingham en Kane.
5. Roberto Martínez (Portugal), €4 miljoen per jaar

Martínez heeft de regie over de ervaren Portugese selectie. Zijn salaris is stabiel gebleven na de winst in de Nations League. Hij staat bekend om zijn vermogen om grote ego’s te managen en een harmonie in de kleedkamer tot stand te brengen.
6. Fabio Cannavaro (Oezbekistan), €4 miljoen per jaar

De Ballon d’Or winnaar van 2006 werd met een vorstelijk salaris naar Centraal-Azië gehaald. Oezbekistan debuteert op het WK en ziet in Cannavaro de ideale man om de voetbalcultuur in het land naar een hoger plan te tillen.
7. Didier Deschamps (Frankrijk), €3,8 miljoen per jaar

Deschamps leidt de Fransen al sinds 2012 en kondigde aan dat 2026 zijn laatste kunstje wordt. Ondanks zijn enorme palmares blijft zijn basissalaris “bescheiden” vergeleken met de nieuwkomers in het vak.
8. Ronald Koeman (Nederland), €3,5 miljoen per jaar

De KNVB betaalt Koeman een marktconform salaris om Oranje competitief te houden. Nederland wordt gezien als een gevaarlijke outsider. Koeman hoopt dit jaar met de zeer talentvolle selectie mee te strijden voor de hoofdprijs.
9. Luis de la Fuente (Spanje), €3,2 miljoen per jaar
Na de winst op het EK van 2024 steeg zijn status, maar Spanje blijft vasthouden aan een gematigd salaris. De la Fuente bouwt voort op een extreem jonge en talentvolle groep. Hij bewijst dat resultaten niet altijd direct gekoppeld zijn aan de hoogste vergoeding.
10. Lionel Scaloni (Argentinië), €2,3 miljoen per jaar
Scaloni is de slechts betaalde coach in de top tien, ondanks zijn enorme successen. De Argentijnse bond heeft simpelweg niet de middelen van Brazilië of Duitsland. Scaloni won de wereldtitel in 2022 als coach en hoopt dat samen met Messi dit jaar nog eens te doen.
Europese dominantie
Bijna de volledige top tien bestaat uit Europeanen, zelfs bij landen buiten Europa. Brazilië en de VS gaven de voorkeur aan bewezen tactische kennis uit de Europese topcompetities. Alleen Scaloni houdt als Zuid-Amerikaan de eer hoog.