De kosten voor een zomervakantie zijn de afgelopen jaren in heel Europa flink opgelopen. Door aanhoudende inflatie, duurdere vliegtickets en gestegen hotelprijzen is een week aan de Franse Côte d’Azur of de Italiaanse Amalfikust voor veel vakantiegangers nauwelijks meer op te brengen.
Wie op de centen wil letten, wijkt daarom massaal uit naar het oosten en zuiden van het continent. Toch zijn niet alle voormalige koopjeslanden meer even goedkoop: de invoering van de euro, wisselkoersen en de opkomst van het massatoerisme hebben de ranglijst flink door elkaar geschud. Gebaseerd op de officiële prijspeilindex van het Europese statistiekbureau Eurostat zijn dit de tien goedkoopste vakantielanden van Europa.
10. Portugal

Portugal is en blijft het voordeligste vakantieland van West-Europa. Waar je in buurland Spanje of in Frankrijk diep in de buidel tast voor een terrasbezoek, ligt het prijspeil voor hotels en restaurants in Portugal volgens Eurostat rond de 85 procent van het Europese gemiddelde. Ter vergelijking: Nederland zit daar ruim vijftien procent boven.
Het prijsverschil merk je vooral in het dagelijks leven. Een espresso aan de bar kost vrijwel nergens meer dan een euro, en voor een traditioneel dagmenu inclusief brood, wijn en koffie betaal je in een lokaal eethuis tussen de 10 en 13 euro.
Steden als Porto en Lissabon en populaire badplaatsen in de Algarve zijn door de toestroom van toeristen en expats weliswaar duurder geworden, maar wie het binnenland van de Alentejo of het bergachtige noorden intrekt, vindt nog altijd volop betaalbare accommodaties in Portugal. Buiten het hoogseizoen loont het om te speuren naar Last minute Portugal aanbiedingen om de vlucht- en verblijfskosten laag te houden.
9. Tsjechië

Tsjechië is al lang niet meer het spotgoedkope paradijs uit de jaren negentig. De Tsjechische kroon is historisch sterk en in de hoofdstad Praag betaal je rond het Oude Stadsplein en de Karelsbrug inmiddels westerse prijzen voor een diner of hotelovernachting.
Zodra je de hoofdstad verlaat, verandert het beeld compleet. In cultuursteden als Brno, Olomouc en Pilsen, of tijdens een wandelvakantie in het Boheems Paradijs en het Reuzengebergte, liggen de kosten voor overnachtingen en maaltijden nog altijd dertig tot veertig procent onder het Nederlandse niveau.
Bier blijft bovendien het ultieme Tsjechische exportproduct met bodemprijzen. Een halve liter vers getapt pilsner kost in een doorsnee Tsjechisch café tussen de 50 en 70 kronen, wat neerkomt op zo’n twee tot tweeënhalve euro. Daarmee is bier in Tsjechische restaurants vaak nog altijd goedkoper dan een flesje mineraalwater.
8. Slowakije
Slowakije voerde in 2009 de euro in. Dat bracht prijsstabiliteit en gemak voor reizigers, maar zorgde er ook voor dat het land net iets duurder werd dan buurland Polen. Desondanks blijft het een van de voordeligste bestemmingen voor bergliefhebbers.
De Hoge en Lage Tatra bieden ruige bergtoppen, diepe dalen en alpiene wandelpaden die nauwelijks onderdoen voor Zwitserland of Oostenrijk. Het grote verschil zit in de rekening: kabelbaanpassen, berghutten en hotelkamers kosten in Slowakije een fractie van de tarieven in de Alpen.
Ook buiten de bergen valt veel voordeel te halen. Het land telt honderden burchten, kastelen en thermale baden die tegen lage toegangsprijzen te bezoeken zijn. De kasteelruïne van Spiš, een van de grootste vestingcomplexen van Centraal-Europa, geldt als een van de betaalbaarste culturele trekpleisters van het continent.
7. Polen

Polen heeft economisch een enorme inhaalslag gemaakt, maar doordat het land vasthoudt aan de eigen zloty blijft het voor Nederlandse toeristen een uiterst voordelige vakantiebestemming. Volgens Europese prijsstatistieken ligt het algemene prijspeil in de horeca rond de 74 procent van het EU-gemiddelde.
Historische steden als Krakau, Wrocław en Gdańsk bieden gerestaureerde stadsharten vol musea en boetiekhotels voor prijzen waar je in West-Europa nauwelijks een eenvoudige bed-and-breakfast voor boekt. Aan de Oostzeekust vind je brede zandstranden die aanzienlijk goedkoper zijn dan de Noordzeestranden.
Een bijzondere Poolse traditie is de bar mleczny (melkbar). Deze eenvoudige zelfbedieningsrestaurants stammen uit de communistische tijd en worden nog altijd gesubsidieerd door de overheid. Voor vier tot zes euro krijg je er een bord verse pierogi (gevulde deegkussentjes), soep en een hoofdgerecht voorgeschoteld.
6. Hongarije
Hongarije heeft te maken met een beweeglijke wisselkoers van de forint, waardoor het land voor reizigers met euro’s op zak buitengewoon gunstig blijft. Het prijsniveau voor restaurants en hotels ligt ruim 25 procent onder het Europese gemiddelde.
Boedapest staat bekend als een van de mooiste metropolen van Centraal-Europa, maar kent niet de westerse prijzen van Wenen of Parijs. Een dagkaart voor de beroemde historische thermale baden, zoals Széchenyi of Gellért, kost een fractie van een gemiddelde wellnessdag in Nederland, en het openbaar vervoer is spotgoedkoop.
Buiten Boedapest zakt het prijspeil nog verder. Rond het Balatonmeer, het grootste zoetwatermeer van Midden-Europa, vieren gezinnen al decennialang een zonvakantie voor een bescheiden budget, terwijl wijnstreken als Eger en Tokaj bekendstaan om hun betaalbare proeverijen en streekgerechten.
5. Roemenië

Roemenië hoort samen met Bulgarije steevast bij de twee goedkoopste lidstaten van de Europese Unie. Volgens Eurostat betalen consumenten er voor horecadiensten gemiddeld slechts twee derde van wat elders in Europa gangbaar is.
Het land betaalt met de Roemeense leu. In historische steden in Transsylvanië, zoals Sibiu, Brașov en Sighișoara, slaap je voor veertig tot vijftig euro per nacht in een uitstekend hotel in het centrum. Een uitgebreid hoofdgerecht met lokale wijn kost in een restaurant zelden meer dan twaalf euro.
Daarnaast is Roemenië een van de meest ongerepte natuurbestemmingen van Europa. De Karpaten herbergen de grootste populatie bruine beren van het continent buiten Rusland, en de befaamde bergroute Transfăgărășan slingert door adembenemende landschappen zonder dat je tolwegen hoeft af te rekenen.
4. Bosnië en Herzegovina
Bosnië en Herzegovina is een van de best bewaarde geheimen van de Balkan voor wie zoekt naar lage prijzen en ongerepte natuur. Het land gebruikt de convertibele mark, die met een vaste koers aan de euro is gekoppeld (één euro is exact 1,95 mark).
In cultuursteden als Sarajevo en Mostar zijn de uitgaven voor eten en drinken opmerkelijk laag. Een royale portie ćevapi (gegrilde gehaktrolletjes) met vers somun-brood en kajmak kost in de historische bazaar Baščaršija tussen de drie en vijf euro. Een lokaal gebrouwen biertje op het terras kost omgerekend nog geen twee euro.
Ook voor actieve reizigers biedt Bosnië ongekend veel waar voor zijn geld. Wildwaterraften op de smaragdgroene Neretva-rivier of een bezoek aan de watervallen van Kravica kost een fractie van vergelijkbare excursies in buurland Kroatië, terwijl het landschap minstens zo spectaculair is.
3. Albanië

Albanië werd de afgelopen jaren op sociale media aangeprezen als de ultieme gratis strandbestemming, maar die hype heeft de realiteit ingehaald. Door de massale toeloop van toeristen en een sterke stijging van de Albanese lek zijn bekende badplaatsen aan de Albanese Rivièra, zoals Ksamil en Sarandë, fors duurder geworden. Voor een set strandbedjes wordt in het hoogseizoen inmiddels twintig tot veertig euro gevraagd.
Wie echter verder kijkt dan de drukke strandtenten aan de Ionische Zee, ontdekt dat Albanië als geheel nog altijd spotgoedkoop is. In de hoofdstad Tirana en in historische museumsteden als Berat en Gjirokastër liggen de prijzen voor accommodaties en maaltijden nog steeds extreem laag.
Een traditioneel diner met geroosterd lamsvlees, bergthee, lokale salades en wijn kost in het binnenland zelden meer dan tien tot twaalf euro per persoon. Ook een tocht over het felblauwe Koman-meer of een trektocht door de Albanese Alpen rond Theth behoort tot de meest betaalbare outdooravonturen van Europa.
2. Bulgarije
Bulgarije draagt officieel de titel van goedkoopste vakantieland binnen de Europese Unie. Volgens data van Eurostat ligt het algemene prijspeil voor hotels, restaurants en consumentengoederen op slechts 53 procent van het Europese gemiddelde: nergens in de EU krijg je meer goederen voor dezelfde euro.
De Bulgaarse lev is met een vaste wisselkoers gekoppeld aan de euro, waardoor je niet bang hoeft te zijn voor plotselinge koerssprongen. Zowel de strandhotels aan Zonnestrand en in het historische Nessebar als de pensions in cultuurstad Plovdiv hanteren tarieven die ver onder die van Zuid-Europa liggen.
Voor wandelaars en wintersporters is Bulgarije eveneens een budgettopper. De nationale parken Rila en Pirin bieden spectaculaire bergmeren en toppen tot bijna drieduizend meter hoogte. In de winter geldt skiresort Bansko als een van de goedkoopste plekken van Europa om een complete wintersport inclusief skipas en materiaalhuur te boeken.
1. Noord-Macedonië

Volgens de officiële statistieken van Eurostat is Noord-Macedonië met afstand het goedkoopste vakantieland van het hele Europese continent. Met een prijspeilindex voor horeca en levensonderhoud die ruim onder de vijftig procent van het EU-gemiddelde duikt, betaal je hier voor vrijwel alles minder dan de helft van wat je in West-Europa gewend bent.
Het land betaalt met de Macedonische denar en heeft zijn grootste troef liggen in het zuidwesten: het Meer van Ohrid. Dit kristalheldere meer behoort tot de oudste en diepste meren ter wereld en staat samen met het middeleeuwse stadje Ohrid op de Werelderfgoedlijst van UNESCO.
De prijzen rond het meer lijken uit een ander tijdperk te stammen. Een compleet driegangendiner voor twee personen, inclusief de befaamde verse Ohrid-forel, salades en een karaf lokale wijn, kost in een goed restaurant doorgaans tussen de vijftien en twintig euro in totaal. Een espresso op een terras aan het water kost omgerekend tachtig cent. Omdat massale chartervluchten het land nog niet hebben overspoeld, blijft Noord-Macedonië met vlag en wimpel de nummer één voor budgetreizigers.
5 reacties
“Doordat veel Poolse arbeiders de afgelopen jaren hun heil in Nederland zoeken, heeft de bevolking niet altijd een even goed imago gekregen.”…
Heeft de schrijver misschien een niet al te succesvolle verbouwing achter de rug? Zelf ken ik de Polen vooral als harde werkers.
Harde werkers waar haal je het .Ik ken genoeg mensen die ontslagen werden daarna nam men Polen aan omdat ze heel goed koop zijn is niet de schuld van de Polen maar van Europa die deze slavenhandel normaal vind. Wie beschermt ons arbeiders in ons eigen land die steeds meer geruild worden door goedkopere arbeiders uit andere landen.
Beste heer/ mevrouw,
Graag zouden we met jullie willen samenwerken voor de promotie voor iDBUS.
De CPS is 7% maar CPC is eventueel ook mogelijk. Bijvoorbeeld 10 cent.
iDBUS heeft deze bestemmingen:
• Amsterdam – Brussel
• Amsterdam – Lille (Rijsel)
• Amsterdam – Londen
• Amsterdam – Parijs Bercy
Ik hoor graag of we kunnen starten. Alvast bedankt voor je reactie!
With kind regards / Met vriendelijke groet,
Maarten de Wilde
Account Manager
T: +31 (0)10 2863958
M: +31 (0)6 421 522 18
E: maarten.dewilde@tradedoubler.com
tradedoubler.com
Bezoekadres: Stationsplein 45, unit A5.209, 3013 AK, Rotterdam, Nederland
Postadres: Postbus 1905, 3000 BX, Rotterdam, Nederland
Kijk voor alle actuele acties en kortingscodes op tdnieuws.nl
Stay in touch with us on Twitter.
ik haat portugal
super slechte website ik hoop dat het verwijderd wordt sjonge jonge