Televisie programma Unsere Besten had als doel een openbare stemming te organiseren over de vraag: “Wie zijn de grootste Duitsers aller tijden?” (Wer sind die größten Deutschen?). Dit initiatief was vergelijkbaar met andere internationale spin-offs, zoals Il più grande Italiano di tutti i tempi (Italië) of El Español de la Historia (Spanje).
De uitzending over de ‘grootste Duitsers’ vond plaats in een tijd waarin de Duitse publieke belangstelling voor nationale geschiedenis en identiteit merkbaar was toegenomen. Dit kwam mede door de herdenking van diverse historische gebeurtenissen na de Duitse hereniging (1990). Tegelijkertijd waren er gevoeligheden vanwege de 20e-eeuwse geschiedenis van Duitsland, wat ertoe leidde dat bepaalde controversiële figuren uitgesloten werden van de lijst.
Hieronder volgt de top 10 zoals bepaald door de kijkersstemmen, inclusief korte biografische schetsen en toelichting op hun historische betekenis.
1. Konrad Adenauer (1876–1967)

Eerste Bondskanselier van de Bondsrepubliek Duitsland (1949–1963).
Konrad Adenauer was de eerste Bondskanselier van de Bondsrepubliek Duitsland en geldt als een sleutelfiguur in de wederopbouw van West-Duitsland na de Tweede Wereldoorlog. Geboren in 1876 in Keulen, was hij een telg uit een rooms-katholiek gezin en sloot hij zich in de vroege jaren aan bij de Centrumpartij (Zentrumspartei). In de Weimarrepubliek maakte hij carrière als burgemeester van Keulen, maar hij werd in 1933 door de nationaalsocialisten gedwongen zijn ambt neer te leggen.
Na de oorlog was Adenauer medeoprichter van de Christlich Demokratische Union (CDU). Als Bondskanselier (1949–1963) legde hij de basis voor de westerse oriëntatie van de Bondsrepubliek. Samen met zijn ministers, zoals Ludwig Erhard (minister van Economie), was hij verantwoordelijk voor het Wirtschaftswunder — de snelle economische groei die West-Duitsland doormaakte in de jaren vijftig. Daarnaast streefde hij naar verzoening met Frankrijk, wat resulteerde in het Verdrag van Élysée (1963) en de kiem legde voor wat later de Europese Unie zou worden.
Adenauer wordt door velen geroemd om zijn vastberadenheid, conservatieve principes en diplomatieke aanpak. Zijn critici verwijten hem weleens een autoritaire stijl en een nalatigheid op het gebied van het verwerken van het nazi-verleden. Toch bleef zijn invloed op de Duitse politiek decennialang merkbaar. Dat hij in deze stemming de eerste plek behaalde, onderstreept hoezeer hij wordt gezien als “de vader van het moderne West-Duitsland”.
2. Maarten Luther (1483–1546)

Priester, theoloog en leider van de protestantse Reformatie.
Maarten Luther is de grondlegger van de protestantse Reformatie en van doorslaggevend belang voor de religieuze en culturele ontwikkeling in Duitsland (en Europa). In 1517 publiceerde hij — volgens de traditie — zijn 95 stellingen tegen de aflaathandel, waarmee hij inging tegen bepaalde gebruiken van de Katholieke Kerk. Dit vormde het startpunt van een breuk in de westerse christenheid, die een blijvende invloed zou hebben op kerkelijke structuren, politiek en samenleving.
Luthers theologische kernidee is dat de mens voor zijn redding volledig afhankelijk is van Gods genade, en niet van goede werken of kerkelijke bemiddeling. Ook zette hij zich in voor een Bijbelvertaling in de volkstaal, wat een enorme impact had op de ontwikkeling van de Duitse taal en cultuur. Zijn vertaling van het Nieuwe Testament (1522) en later het Oude Testament legde een basis voor het moderne Hoogduits.
Dat hij op de tweede plaats eindigde, weerspiegelt de blijvende waardering van Duitsers voor zijn rol in het bevorderen van geletterdheid, individuele gewetensvrijheid en de pluriformiteit in het christendom. Tegelijkertijd staat Luthers erfenis niet zonder controverse, gezien zijn soms felle antisemitische uitspraken en intolerantie tegenover andere religies.
3. Karl Marx (1818–1883)

Schrijver, filosoof, grondlegger van het wetenschappelijk socialisme.
Karl Marx, geboren in Trier, is bekend als de medeoprichter van de moderne communistische en socialistische beweging. Samen met Friedrich Engels schreef hij in 1848 Het Communistisch Manifest, waarin hij een revolutionaire oproep deed aan de arbeidersklasse om zich te verenigen tegen de uitbuiting van het kapitalisme. Zijn magnum opus, Das Kapital, analyseert de dynamiek van kapitalistische productiewijzen en klasseverhoudingen.
Marx’ ideeën hebben de loop van de 20e eeuw diepgaand beïnvloed, onder andere door de Russische Revolutie (1917) en de opkomst van communistische regimes. Desondanks is zijn naam niet synoniem met die latere praktijk: Marx’ analyses en theorieën reiken verder dan het Sovjet- of Maoïstische experiment. Tot op de dag van vandaag worden zijn werken bestudeerd door economen, filosofen, sociologen en politicologen.
4. Sophie en Hans Scholl (1921–1943, 1918–1943)
Antinazistische verzetsstrijders, leden van de Witte Roos.
Sophie en Hans Scholl waren jonge studenten in München en kernleden van de verzetsgroep “Die Weiße Rose” (De Witte Roos), die zich tijdens de Tweede Wereldoorlog verzette tegen de nationaalsocialistische dictatuur. Met pamfletten en graffiti riepen ze burgers op tot passieve weerstand tegen Hitler en de oorlogspolitiek. In 1943 werden ze bij het verspreiden van pamfletten betrapt, gearresteerd en ter dood veroordeeld.
De Witte Roos stond voor morele moed, burgerlijk verzet en de kracht van individuele overtuiging tegen een repressief systeem. Sophie Scholl groeide later uit tot een icoon van vreedzame rebellie en vrouwelijk verzet. De opname van zowel haar als haar broer Hans in deze top 10 bewijst hoeveel waarde in het moderne Duitsland wordt gehecht aan de herinnering aan antinazistisch verzet. Hun korte levensverhaal staat symbool voor een principiële strijd tegen onrecht en onderdrukking.
5. Willy Brandt (1913–1992)

Bondskanselier (1969–1974). Architect van de Ostpolitik en Nobelprijswinnaar.
Willy Brandt (geboren Herbert Ernst Karl Frahm) was leider van de Sozialdemokratische Partei Deutschlands (SPD) en diende als Bondskanselier van de Bondsrepubliek Duitsland van 1969 tot 1974. Voor die tijd was hij burgemeester van West-Berlijn (1957–1966). Brandts meest historische bijdrage is de Ostpolitik: een politiek van toenadering tot Oost-Europese landen, waaronder de DDR, met de bedoeling spanningen in de Koude Oorlog te verminderen.
In 1970 bezocht hij Warschau, waar hij onverwachts knielde bij het monument voor de slachtoffers van het getto — de zogenaamde “Warschauer Kniefall”. Deze daad werd wereldwijd gezien als een daad van berouw en inkeer voor de Duitse oorlogsmisdaden onder het nazibewind. Brandt ontving in 1971 de Nobelprijs voor de Vrede als erkenning voor zijn inzet voor vrede en verzoening.
De herwaardering voor Brandt in deze publieke stemming laat zien dat veel Duitsers hem beschouwen als een boegbeeld van democratische hervorming, ontspanningspolitiek en internationaal begrip.
6. Johann Sebastian Bach (1685–1750)

Barokcomponist, organist en kapelmeester.
Johann Sebastian Bach wordt algemeen beschouwd als een van de grootste componisten uit de westerse muziekgeschiedenis. Geboren in Eisenach, groeide hij op in een familie van musici. Zijn oeuvre omvat een breed scala aan vocale en instrumentale werken die als hoogtepunt van de barokmuziek worden gezien, waaronder de Matthäuspassion, de Hohe Messe in h-Moll (Mis in b-klein) en talloze cantates voor kerkdiensten.
Bachs nalatenschap raakte na zijn dood een tijd in de vergetelheid, totdat componisten als Felix Mendelssohn hem in de 19e eeuw opnieuw ontdekten. Sindsdien wordt hij geroemd om de complexe polyfonie, harmonische rijkdom en spirituele diepte in zijn muziek. Dat hij op plaats zes staat in deze lijst, wijst op de permanente invloed van de “Leipziger Thomaskantor” (Thomaskantor in Leipzig) op de Duitse (en internationale) cultuur.
7. Johann Wolfgang von Goethe (1749–1832)

Dichter, toneelschrijver, romancier en natuuronderzoeker.
Johann Wolfgang von Goethe is de bekendste Duitse dichter en schrijver aller tijden. Hij werd geboren in Frankfurt am Main en was al op jonge leeftijd getalenteerd op het gebied van literatuur en taal. Zijn bekendste werken zijn onder andere de briefroman Die Leiden des jungen Werthers (1774) en het toneelstuk Faust (in twee delen, 1808 en 1832). Goethe’s oeuvre omvat daarnaast gedichten, essays en natuurwetenschappelijke werken (bijvoorbeeld over plantkunde en de kleurenleer).
Als spilfiguur van de literaire stroming Sturm und Drang en later de ‘Weimarer Klassik’, heeft Goethe een blijvende stempel gedrukt op de Duitse taal en geesteswetenschappen. Zijn invloed was zo groot dat men hem in Duitsland vaak als dé representant van hoogstaande, klassieke cultuur ziet.
8. Johannes Gutenberg (ca. 1400–1468)

Uitvinder van de drukpers met losse metalen letters.
Johannes Gutenberg, geboren in Mainz, staat wereldwijd bekend als de uitvinder van de boekdrukkunst met losse letters in Europa. Hoewel druktechnieken in Oost-Azië eerder bestonden, was Gutenbergs vinding rond 1450 revolutionair voor het continent en gaf het een enorme impuls aan de verspreiding van boeken en kennis. Het meest legendarische product van zijn pers is de ‘Gutenbergbijbel’ (1455).
Zijn uitvinding wordt gezien als een van de belangrijkste innovaties in de menselijke geschiedenis. De massale beschikbaarheid van boeken en pamfletten bevorderde niet alleen de alfabetisering, maar ook religieuze hervormingen (denk aan Maarten Luthers pamfletten) en wetenschappelijke vooruitgang. De Nederlandse priester en geleerde Desiderius Erasmus schreef ooit: “Drukwerk is de moeder van alle kunsten en wetenschappen.”
9. Otto von Bismarck (1815–1898)

IJzeren Kanselier, architect van de Duitse eenwording.
Otto Eduard Leopold von Bismarck-Schönhausen, beter bekend als Otto von Bismarck, was de Pruisische en vervolgens Duitse staatsman die de Duitse eenwording (1871) bewerkstelligde. Als minister-president van Pruisen en later als Rijkskanselier van het Duitse Keizerrijk (1871–1890) bepaalde hij in hoge mate de politieke koers van Midden-Europa in de late 19e eeuw. Zijn politiek stond bekend als Realpolitik, waarbij hij militaire en diplomatieke machtssystemen inzette om de macht van Pruisen in een verenigd Duitsland te verankeren.
Bismarcks grootste wapenfeit is de oprichting van het Duitse Keizerrijk na de Frans-Duitse Oorlog (1870–1871). Binnen het Keizerrijk introduceerde hij sociale hervormingen (ziekten- en ongevallenverzekeringen, pensioenregelingen), deels om de opkomst van het socialisme te temperen. Niettemin was zijn bestuur ook autoritair en sterk conservatief. Vandaag wordt Bismarck alom gezien als de “IJzeren Kanselier”, een sleutelfiguur in de ontstaansgeschiedenis van de moderne Duitse staat.
10. Albert Einstein (1879–1955)
Theoretisch natuurkundige, Nobelprijswinnaar.
Albert Einstein, geboren in Ulm, is een van de beroemdste wetenschappers in de geschiedenis. Hij verwierf wereldfaam met zijn speciale en algemene relativiteitstheorie (1905, 1915) en werd in 1921 bekroond met de Nobelprijs voor de Natuurkunde. De prijs was met name voor zijn verklaring van het foto-elektrisch effect, hoewel zijn relativiteitstheorie de meest iconische bijdrage aan de natuurkunde is.
Einstein verliet Duitsland in 1933 vanwege het antisemitische klimaat onder de nazi’s en vestigde zich uiteindelijk in de Verenigde Staten, waar hij verbonden was aan het Institute for Advanced Study in Princeton. Hij droeg bij aan de quantummechanica, statistische mechanica en kosmologie, en mengde zich actief in maatschappelijke debatten over pacifisme, joodse identiteit en nucleaire wapens.
Dat Einstein — ondanks zijn emigratie en dubbele Zwitsers-Amerikaanse nationaliteit — nog altijd in de top 10 van ‘grootste Duitsers’ staat, illustreert zijn blijvende status als icoon van de Duitse wetenschappelijke traditie en universele genialiteit.
Reflectie:
Hoewel de lijst kritiek uitlokte — onder andere omdat omstreden figuren als Adolf Hitler expliciet waren uitgesloten en omdat de definitie van ‘Duits’ (bijvoorbeeld bij Nicolaus Copernicus) voor onduidelijkheid zorgde — geeft deze top 10 een rijke weergave van de diversiteit en complexiteit van de Duitse identiteit. Ook roept het vragen op over historische schuld, nationale trots en de manier waarop sommige tijdperken worden herinnerd (denk aan de 20e-eeuwse oorlogen en de naoorlogse wederopbouw).