Wie een foto van een Nederlandse winkelstraat uit de jaren negentig naast het huidige straatbeeld legt, herkent bijna geen enkel uithangbord meer. Sommige ketens verdwenen na een overname, maar het merendeel bezweek onder de opkomst van webwinkels, stijgende huren en veranderend koopgedrag. Van de platenzaak met het rood-witte plastic tasje tot het grootste warenhuis van het land: dit zijn tien bekende Nederlandse winkelketens die uit de winkelstraat verdwenen.
10. Kijkshop (1973-2018)

Toen ondernemer Bertus ter Meulen in 1973 de eerste Kijkshop opende, bedacht hij een formule die winkeldiefstal vrijwel onmogelijk maakte. In de winkel stonden alle horloges, parfumflesjes en keukenmachines achter afgesloten glas. Klanten schreven met een klein potloodje het artikelnummer op een bestelbriefje en rekenden het product af bij de afhaalbalie.
Op het hoogtepunt telde de keten ruim honderd vestigingen, maar toen webwinkels dezelfde lage prijzen mét thuisbezorging gingen bieden, verloor het vitrineconcept zijn aantrekkingskracht en viel in januari 2018 het doek.
9. De Gruyter (1818-1976)

Meer dan anderhalve eeuw lang was kruideniersketen De Gruyter, in 1818 opgericht in ‘s-Hertogenbosch, een begrip in Nederland. Eind jaren zestig had het familiebedrijf ruim vijfhonderdvijftig winkels, bekend om de slogan “En betere waar én tien procent, alleen De Gruyter” en het gratis ‘Snoepje van de week’ voor kinderen.
Toen concurrenten als Albert Heijn overschakelden op moderne zelfbedieningssupermarkten met winkelwagentjes, hield De Gruyter te lang vast aan bediening over de toonbank.
In 1976 sloten de laatste winkels; alleen de monumentale Delfts blauwe tegeltableaus zijn in tientallen oude winkelpanden bewaard gebleven.
8. Big Bazar (2007-2023)

Koopjesketen Big Bazar werd in 2007 door de Blokker Holding opgericht als antwoord op het succes van prijsvechter Action. De formule groeide door tot circa honderddertig filialen in Nederland en België, maar slaagde er door de hogere huren in stadscentra niet in om dezelfde lage kostenstructuur als haar grote concurrent te halen. Na maanden van oplopende huurschulden en faillissementsaanvragen door schuldeisers sprak de rechtbank op 26 september 2023 het faillissement uit.
7. Dolcis en Invito (tot 2015/2016)

Jarenlang werden de Nederlandse schoenenstraten gedomineerd door zusterketens als Dolcis, Invito, Manfield en PRO Sport. Deze formules vielen onder hetzelfde beursgenoteerde moederbedrijf: de Macintosh Retail Group, met het hoofdkantoor bij Maastricht. Door teruglopende verkopen en een zware schuldenlast vroeg het concern eind 2015 uitstel van betaling aan, waarna de rechtbank in Maastricht op 30 december 2015 het faillissement uitsprak.
Zo’n grootschalig bankroet raakt direct honderden verhuurders van winkelpanden, leveranciers en bestuurders. Om rechten uit huurovereenkomsten, eigendomsvoorbehouden of een doorstart vanuit faillissement juridisch goed af te wikkelen, schakelen ondernemers en schuldeisers in de regio bij dreigende betalingsonmacht vaak een gespecialiseerde insolventierecht advocaat in Maastricht in. Bij de afwikkeling van Macintosh maakten sommige ketens een doorstart, maar de vertrouwde Dolcis-winkels verdwenen uit het straatbeeld nadat tientallen panden werden omgebouwd tot filialen van Nelson.
6. Elektronicaketens It’s (tot 2011) en BCC (1945-2023)

Geen enkele branche werd zo vroeg en zo hard geraakt door online prijsvergelijkers als de consumentenelektronica. Nadat eerder ketens als Megapool (2004), Modern Electronics (2009) en het Zuid-Nederlandse It’s (2011) al failliet waren gegaan, bleef het in 1945 in Amsterdam opgerichte BCC (Bakker Cash & Carry) als een van de laatste grote witgoed- en elektronicaketens over. Ook BCC kon het tij niet keren en ging in september 2023 met ruim zestig winkels ten onder. Ze bestaan nog wel als webwinkel.
5. Bart Smit (1967-2017).

Op 1 juni 1967 opende Bart Smit in Volendam een kleine winkel in speelgoed en huishoudelijke artikelen. Tot 1995 heette de keten nog Bartok, maar na bezwaren tegen het gebruik van de naam van de Hongaarse componist Béla Bartók koos de oprichter voor zijn eigen naam.
Voor generaties kinderen was het dikke speelgoedboek dat in het najaar op de deurmat viel het startschot voor de verlanglijstjes voor Sinterklaas. Om kosten te besparen besloot toenmalig eigenaar Blokker Holding in 2017 echter om alle vestigingen van Bart Smit om te bouwen tot filialen van zusterketen Intertoys.
4. Edah (1903-2008) en C1000 (1981-2015)

Niet elk verdwenen winkelmerk ging failliet; in de supermarktwereld verdwenen grote namen vooral door overnames. Zo werd Edah al in 1903 in Helmond opgericht door vier Friese handelaren: Ebben, Damen, Aukes en Hettema, wier beginletters de winkelnaam vormden. Na ruim een eeuw verdween de naam in 2008 toen moederbedrijf Laurus zijn winkels verkocht. In de zomer van 2015 sloot ook de laatste vestiging van C1000 (opgericht in 1981 als Calculatie 1000) nadat de keten was opgegaan in Jumbo en Albert Heijn.
3. Free Record Shop (1971-2013)

De twintigjarige Hans Breukhoven opende op 15 oktober 1971 aan de Binnenweg in Schiedam zijn eerste platenwinkel onder de naam Free Record Shop. Met scherp geprijsde lp’s, cd’s en de herkenbare rood-witte plastic draagtasjes groeide het bedrijf uit tot de bekendste muziekketen van de Benelux.
De opkomst van downloads en de introductie van streamingdienst Spotify in Nederland in 2010 deden de verkoop van fysieke cd’s en dvd’s echter snel instorten. Na een poging om het tij te keren met games en boeken werd de keten in mei 2013 failliet verklaard.
2. Blokker (1896-2024)

Toen Jacob en Saapke Blokker op 25 april 1896 in Hoorn hun winkel De Goedkoope IJzer- en Houtwinkel openden, legden ze de basis voor een familiebedrijf dat ruim een eeuw lang in vrijwel elk Nederlands winkelcentrum te vinden was en op het hoogtepunt bijna zeshonderd eigen winkels telde.
In de eenentwintigste eeuw kwam het concern klem te zitten tussen goedkope discounters als Action en grote webwinkels. Na jaren van verliezen en een zware coronabelastingschuld sprak de rechtbank in Amsterdam op 13 november 2024 het faillissement uit over de bijna vierhonderd eigen winkels, waarna het merk in 2025 alleen in sterk afgeslankte vorm met enkele tientallen vestigingen en franchisenemers kon terugkeren.
1. Vroom & Dreesmann / V&D (1887-2015)

Geen enkel faillissement sloeg zulke grote gaten in de Nederlandse binnensteden als de ondergang van Vroom & Dreesmann op 31 december 2015. Zwagers Willem Vroom en Anton Dreesmann openden hun eerste manufacturenwinkel in mei 1887 in de Amsterdamse Weesperstraat en bouwden een keten van zevenenzestig grote warenhuizen op de beste locaties van het land.
Generaties Nederlanders kochten er eind augustus hun schoolspullen op de Schoolcampus, kwamen op het Prijzencircus af of aten een broodje bij de eigen restaurantformule La Place.
Nadat het concern een groot deel van het eigen vastgoed had verkocht en teruggehuurd en in 2010 in handen kwam van durfinvesteerder Sun Capital, drukten de hoge huurcontracten het bedrijf onder water. Toen de banken eind december 2015 de geldkraan dichtdraaiden, verloren zo’n achtduizend medewerkers hun baan en verdween na 128 jaar het bekendste warenhuis van Nederland uit de winkelstraat.

Een correctie bij de Free Record Shop.
De eerste werd niet aan de Binnenweg geopend maar aan de Broersveld 5 in Schiedam.